Background Image

Help, hoe ging dat ook alweer alleen?

Alleen
Marathon Rotterdam diary, part IIAl een paar dagen kijk ik tegen deze run op. Op mijn marathonschema. Of ja schema. Op basis van informatie van andere lopers. Waar ik heel veel waarde aan hecht. Staat dat ik 22 kilometer moet lopen. En ja. Ook niets moet. Alleen hoe je het went of keert. Of een of andere manier zal ik mijzelf toch moeten klaarstomen voor die 42 kilometer. Ik dwaal weer helemaal af, wat ik wilde vertellen is dat ik deze duurloop niet alleen wilde doen. Ik loop bijna nooit meer alleen. Althans, niet van die hele lange afstanden. En dat vind ik fijn. Dus voor dit loopje ben ik eigenlijk een klein beetje bang. Want help. Hoe ging dat ook alweer, zó lang alleen lopen?

Waar ik precies bang voor ben? Ik denk alleen zijn met mijn gedachtes: van het mega serieus analyseren van mijn leven tot aan of ik pijntjes voel, dat ik nog een heel eind moet, dat ik dat ene mailtje niet moet vergeten te sturen. Mijzelf helemaal gek maken. Daar ben ik goed in. Alleen daar heb ik vandaag geen tijd voor. Na mijn tour door Nederland afgelopen dagen, trek ik bij mijn ouders meteen mijn hardlooppakje aan. Want de marathon wacht niet. Dus ik spreek mijzelf toe dat ik niet meer mag zeuren. En niet meer na mag denken of die rode wijntjes en gin-tonic van gisteravond wel zo goed waren. Ik eet snel nog een broodje met pindakaas en een banaan, doe nog een laatste voorzorgs-plasje en ga op pad.

Mijn route heb ik al helemaal in mijn hoofd. Dus daar maak ik mijn geen zorgen over. Ik zit er eigenlijk al meteen goed in. Ik ben vergeten mijn Garmin weer op rondetijden in te stellen, dus hij piept niet elke kilometer die voorbij gaat. En eigenlijk vind ik dat wel lekker. Hierdoor kijk ik niet om de paar honderd meter hoeveel er al voorbij zijn. Zo zijn er al heel snel vijf kilometer voorbij en loop ik aardig door. Ik zie op mijn horloge dat ik ongeveer 4.45 per kilometer loop. Oeps! Dat is eigenlijk veel te hard. Maar ik zit er zo lekker in dat ik niet minder hard durf te gaan. Dus dribbel ik fijn door. Uiteindelijk kom ik op een mooie 23 kilometer uit. 23? Ja, 23 kilometer. Door een aantal hele grote loslopende blaffende honden, moest ik een alternatieve route uitstippelen en stukje terug lopen. Of ik ooit over mijn angst voor loslopende honden heen kom? Geen idee.

Het enige minpuntje tijdens deze 23 kilometer? En wellicht — naast het mentale stuk — de grootste praktische uitdaging? Eten en sanitataire-stops. Op 19 kilometer begint mijn buik moeilijk te doen. Ga ik door of ga ik toch even de bosjes in. Ik wil mijn flow niet kwijtraken, maar ik wil ook niet met een klotsende buik door blijven lopen. Ik besluit toch de bosjes in te duiken. Meestal ik eet ik voor mijn duurloopjes (lees: maximaal 16 kilometer) één banaan en dan ga ik op pad. Alleen dat trekt mijn lichaam niet bij zulke lange afstanden. Dan krijg ik honger en heb ik er meer moeite mee omdat mijn lichaam natuurlijk energie tekort komt. Echter, mijn lichaam trek teveel eten ook niet. En al zeker niet een uur van te voren. Daar zit het hele probleem. Wat en hoe ver van te voren moet ik dan wel eten? Want als ik twee of drie uurtje van te voren eet, dan krijg ik wellicht ook weer honger.

Uiteindelijk vlogen deze 23 kilometer voorbij en heb ik genoten van het lopen alleen. Even helemaal alleen lopen en niets anders. Eigenlijk zat ik vanaf kilometer één al in zo’n flow, dat ik het geen moment moeilijk heb gehad. Waarom het zo makkelijk ging? Geen idee. Wellicht moet ik vaker een avond van te voren rode wijn en gin-tonic drinken? Niet heel verstandig voor de marathon denk ik zo. Ik heb mij weer eens druk gemaakt om niets. Misschien heb ik dat nodig om te presteren? Want ja, ik heb tijdens het lopen mijn leven geanalyseerd, nagedacht over dat ene mailtje, over eventuele pijntjes die ik wel of niet voel, over die drankjes van de avond ervoor en natuurlijk regelmatig op mijn klokje naar de afstand gekeken. Alleen na afloop overheerst het voldane gevoel van dat lekkere loopje. Dat geeft vertrouwen! En met dat vertrouwen sluit ik deze week af.

Volgende week staat 25 kilometer op het programma. Deze loop ik niet alleen. Al gaat voor mij de echte mentale strijd vanaf dat punt wel beginnen. Ik ben zo nieuwsgierig van die lang afstanden met mij gaan doen. Daarnaast, ga ik dan ook testen met eten onderweg. Voor het allereerst ga ik dan een gelletje uitproberen.

 

 

 

 

Lou

Lou houdt van reizen, hardlopen én schrijven. En het liefst allemaal tegelijk. Zo vaak, als haar 24 vakantiedagen het toelaten, probeert ze te reizen. Ze droomt dan ook over het ontdekken van de wereld op haar hardloopschoenen.

3 Comments
  • Pierre Tromp

    Hoi Marlou,

    Leuk om je blog over de lange duurloop te lezen. Wat een mooie uitdaging om voor de marathon te gaan en met jouw basissnelheid moet dit zeker op een mooie tijd gaan uitkomen!
    Ik ben zelf hardlooptrainer (en ervaren marathonloper) en schrik wel van je gemiddelde tempo dat je hebt gelopen bij de lange duurloop. Aan te raden is om ongeveer 10% langzamer te lopen dan je beoogde marathontempo. Dus bijvoorbeeld een marathontijd van 3u 20 min (4:40 p/km) is dan 5:08 p/km. Heb je nog geen marathon tijd in je hoofd dan kun je ook je halve marathontijd x 2,1 doen zodat je een redelijke benadering krijgt van je eindtijd die je op de marathon zou kunnen halen.
    Succes met je verdere voorbereidingen en hopelijk heb je iets aan dit goedbedoelde advies 🙂

    groeten Pierre

    16 januari 2017 at 09:47 Beantwoorden
  • Pierre Tromp

    hoi Marlou,

    bedankt voor je verdere uitleg en goed te horen dat je soms ook langzamer loopt. Dit is zeker handig als je naar de 30+ km duurlopen gaat 🙂 Erg leuk om je ‘road to Rotterdam’ te gaan volgen, die marathon was ook mijn eerste en dat was echt een geweldige belevenis!
    Ben benieuwd je ervaring met gelletjes en naar je streeftijd!

    groetjes Pierre

    16 januari 2017 at 11:30 Beantwoorden

Plaats een reactie